Short cut Wagner

Short cut? Dat klinkt niet echt als Wagner. Het ontstaan van de Colón Ring bracht dan ook de nodige commotie met zich mee.

In 2012 kreeg de Duitse pianist en dirigent Cord Garben het idee om van Richard Wagners monumentale werk Der Ring des Nibelungen een korte versie te maken: één voorstelling van zeven uur.

What? Wie bekend is met de Ring weet dat de tetralogie ongeveer 15 uur duurt, verdeeld over vier opera’s en dus ook over vier verschillende voorstellingen. Maar Katharina Wagner, kleindochter van en artistiek bestuurslid van Bayreuth, vond het hoe dan ook een goed idee. Zij zou het stuk regisseren in het theater van Colón. Maar daar begint het libretto. Halverwege de repetities houdt ze er mee op, claimend dat Colón niet kan voldoen aan haar hoge toneel- en regie eisen. Achteraf bleek dat ze eigenlijk elders verplichtingen had. Oups.

Regisseur Argentine Valentina Carrasco van het Catalaanse gezelschap La Fura dels Baus was de deus ex machina. Maar terwijl het artistiek team werd gered, werd de subsidie van de gemeente gehalveerd en daarmee ook het aantal voorstellingen: niet vier, maar twee Colón Rings zouden worden uitgevoerd. What to do?

Componist Gorben maakte een Ring die begon om half drie ’s middags en eindigde om half twaalf ‘s avonds. De lange dialogen, de herhalingen en andere fragmenten die weinig van dienst waren voor de verhaallijn van het Nibelungen verhaal, haalde hij er uit, net als behoorlijk wat muziek (de prelude van Siegfried in Götterdämmerung) en een aantal personages (Donner, Froh uit Das Rheingold en Erda uit Götterdämmerung).

Regisseur Carrasco maakte een regie in de de avant-garde stijl die La Fura eigen is. Geen mythe, maar een hoog gebouw in het Argentinië van de jaren zeventig, met wasvrouwen in plaats van Rijnmeisjes, Alberich van een normale lengte, Fafner in een rolstoel en nog veel meer.

Brava zendt de hele Colón Ring uit: 11 en 12 april om 20.30 | 13 en 14 april om 14.00 uur

The colon Ring

Mattheüs

Johann Sebastian Bach geloofde in God en in muziek. Uit zijn briefbiografie: “Mit aller Musik soll Gott geehrt und die Menschen erfreut werden”. Mooi vertaald: de diepste reden van ieder muziekstuk zou niets anders moeten zijn dan de glorie van God en de lafenis van de geest.

Het is maart en dat betekent Bach. Als koorschool kind zong ik sinds mijn achtste een keer per jaar de Mattheüs passion. Wat me vooral nog bij staat: de bliksem en donder die van twee kanten in Vredenburg neerstortte. En dat het daarna nog 3 uur zou duren.

Bach schreef de Mattheüs met maar een doel: het lijdensverhaal van Jezus laten horen op goede vrijdag. Bijna 200 jaar later gebeurt dat nog steeds (weliswaar bijna de hele maand maart) en leidt het werk – dan weer monumentaal en ontzagwekkend, dan weer intiem en triest- nog steeds tot ontroering wereldwijd.

Met goed gevoel voor drama vertelt Bach in de passie de opeenvolgende handelingen tot het moment van kruisiging. Het verhaal deelde hij in tweeën. Hoogtepunten uit het eerste deel zijn voor mij sowieso het begin – oh, hoe die immense golf van geluid over je heen komt rollen en je mee sleept in de tragedie ! – het laatste avondmaal en de arrestatie van Jezus in Gethsemane. In het tweede deel wordt de muziek zachter, triester, een teken van een onvermijdelijk slechte afloop. De passie eindigt dan ook met een zwart omrand koraal “Wir setzen uns mit Tränen wieder”. Bach kon wegkomen met een unhappy end:  de kerkgangers zouden een paar dagen later toch weer de opstanding van Jezus vieren.

Er is ongelofelijk veel te vertellen over Bachs werk: over de bezetting, de twee koren, over de verschillende rollen. Over de tekst, over de symboliek. Over de verschillende uitvoeringen. Als je nog niet bent geweest, zou ik gewoon een keer gaan. Als je Bach fan bent, dan ga je natuurlijk al. En voor iedereen daar tussen in: elke uitvoering is weer anders. Dé Mattheüs bestaat niet.

Komende weken klinkt de Mattheüs door heel Nederland. Mijn tip: Holland Baroque en het Nederlands Kamerkoor onder leiding van Reinbert de Leeuw. Alleen al omdat de maestro zei: “Het is mijn grote wens om het werk ooit eens uit te voeren met barokinstrumenten.”

hol a2 poster passion kopie2

popcorn time

Een van mijn favoriete dingen om te doen is films kijken. Heel veel films. Zo veel dat het niet eens meer cool is. Van Italiaanse klassiekers tot Frans cliché, van Nederlands drama tot  Wes Anderson. En de biografie. Heerlijk om gelegitimeerd toeschouwer te zijn van iemands leven. Heerlijk om in anderhalf uur (of drie) iemand te leren kennen. – want dat denk je dan.  Iemands kunnen en kennen, hebben en houwen, vrienden en vijanden en amoureuze relaties. Privé. Cliché.

Richard Strauss had een leven dat zich goed leende voor een bio. Van mot met de pers tot onvoorwaardelijke liefde voor zijn vrouw Pauline. En briljante muziek, natuurlijk.

Neem 1898. “Ein Heldenleben is the most perverse music I ever heard. The man who wrote this outrageously hideous noise, no longer deserving of the word music, is either a lunatic or he is rapidly becoming one.” Bent u al nieuwsgierig?

Het was een reactie van de pers op het heldenepos dat Strauss schreef. Waarom? De critici waren verbolgen over het feit dat iemand zo’n ego kon hebben én het lef had om, hen de de critici, zo te beledigen. Dat deed Strauss namelijk. Ongegeneerd en wel in het tweede deel van zijn Heldenleben – Hero’s Adversaries of Des helden Widenacher: de vijanden van de held. De titel liegt er niet om. Dit deel begint met ‘onbeschofte’ houtblazers die maar door blijven lullen.

Maar er zat meer achter zijn Heldenleben. Want wat is een held eigenlijk? De dieperliggende thematiek gaat over het innerlijke conflict van het individu, geheel naar filosoof Nietschze. Wie ben je van binnen en wat laat je aan de buitenwereld zien?

Dat innerlijke conflict kon je volgens Strauss niet alleen aan. Je hebt iets nodig. Een steun en toeverlaat. Een bron waar je kracht uit put. Een plek waar je je veilig voelt en zelfvertrouwen vandaan haalt. Volgens hem was dat de liefde. De huiselijke, kleinburgerlijke liefde. Strauss vond dit in zijn vrouw Pauline. Zij was dit allemaal voor hem.

Richard Strauss and his heroines is het eerste gefilmde onderzoek naar de onvergetelijke heldinnen die Strauss neerzette. Het is zowel het verhaal van een turbulent en roerend liefdesverhaal tussen twee mensen die bereid waren voor elkaar door het vuur te gaan. Popcorn time!

cinema_neon_sign_059-c14-c

Say what?

Susie Napper en Margaret Little van Les Voix Humaines worden wereldwijd geroemd voor hun spectaculaire arrangementen voor de viola da gamba.

Say what?

De Viola da gamba: Italiaans, letterlijk ‘been viool’. Omdat het strijkinstrument tussen de benen wordt gehouden, doet het denken aan een cello, door de fretten ook weer aan een gitaar. Het geluid lijkt een combinatie van beiden: zacht en aangenaam. Een geluid dat in de 15e en 16e eeuw door veel componisten werd gewaardeerd. De prachtigste viola da gamba muziek, aldus de gambisten van Les Voix Humaines, komt dan ook uit de die tijd.

Als het aan hen lag, zou het instrument niet zo onbekend zijn bij het grote publiek. Onder de naam Les Voix Humaines, een naam geïnspireerd door een stuk voor viola da gamba van componist Marin Marais, maken en spelen Susie Napper en Margaret Little sinds 1985 spectaculaire arrangementen voor viola da gamba. Tal van opnamen, nominaties en prijzen later is het duo een fenomeen in de barok scene.

En nu zijn ze in Nederland. In het kader van de BachDagen tekent het duo voor een uitvoering van Die Kunst der Fuge, een stuk dat Bach voor klavecimbel schreef. Een simpele melodie vormt het materiaal wat Bach op alle mogelijke manieren terug laat komen: de kunst van de fuga. Compositie technisch een ingewikkeld, virtuoos stuk, voor publiek weldadig en meeslepend.

Les Voix Humaines nodigt vaak andere muzikanten uit om mee te spelen. Dit weekend, en de rest van hun Europese tournee, zijn het Mélisandre Corriveau en Felix Deak.

The art of the fugue
27 januari Laurenskerk Rotterdam
28 januari Waalse kerk Leeuwarden
30 januari TivoliVredenburg Utrecht
31 januari Muziekgebouw aan ’t IJ Amsterdam
1 februari De kapel Eindhoven

08-Les-Voix-Humaines-580x260

<3

The perfect match: Bachs Brandenburg en het Freiburger Barockorchester.

In 2014 toerde het orkest met dit programma door Europa. Een serie live registraties en een best sellend album waren het resultaat. Waarom zijn de Brandenburg Concerten nog steeds zo populair?

Bach schreef de Brandenburg Concerten in 1721 voor markies Von Brandenburg, in de hoop voor hem te mogen werken. De toen nog jonge Bach maakte een zesdelige serie waarin elk concert weer anders klinkt. De muziek is virtuoos, intens, vrolijk en leent zich, bijna 300 jaar later, nog steeds voor eigen creativiteit en nieuwe interpretatie van de uitvoerenden.

Aan het derde concert wordt vaak gerefereerd als een voorstelling, in de letterlijke betekenis van het woord: Bach behandelde elk instrument als gelijke (in plaats van een groep solisten los te koppelen van het orkest, gebruikelijk in het concerto grosso). Het resultaat is een concert waarin elke strijker zich voorstelt alsof het solo speelt. Nikolaus Harnoncourt, Bach dirigent, noemde het ook wel een ode aan de viool: want zijn de alt, cello en bas niet grote versies van dit uitermate Italiaanse instrument?

Dat laatste is interessant. Door de Brandenburg concerten klinkt duidelijk de Zuidelijke sfeer van Italië en de Adriatische zee. Misschien maakt dat de reeks zo luchtig.

Overigens werd destijds menig muzikant nerveus van deze moeilijke muziek. Markies von Brandenburg nam Bach dan ook niet aan. Er kon zelfs geen bedankje van af.

Dat zou nu wel anders zijn. Herr Bach is nog steeds een object of affection. Bij Brava is hij deze week vaak terug te vinden: te zien, te luisteren en zelfs te winnen. Leden van de foyer maken kans op kaarten voor de Bach Academie Brugge én voor de Bach Dagen in het laatste weekend van januari.

say oui ! :

Brandenburg concert nr. 3
Dona nobis pacem
Gideon Kremer: Back to Bach

Freiburger Barockorchester

hitjes

‘Wil je een hit schrijven, zorg dan voor een zingbare melodie’, wordt ook wel in de popscene gezegd. Verdi had het goed begrepen.

Hij schreef een gigantisch oeuvre aan hitopera’s die nog steeds populair zijn en dat ondanks een moeilijke aftrap: achtereenvolgens werd hij afgewezen op het conservatorium, overleden zijn beide zoontjes en later ook zijn vrouw, allen door ziekte. Het kwam zijn werk niet ten goede en de eerste opera’s van zijn hand na deze trieste gebeurtenissen werden dan ook weggefloten.

Maar dan komt Nabucco, waarin Verdi’s gevoel voor drama en emotie al zichtbaar wordt.

Wellicht denk je bij drama en emotie aan gebroken harten, romantische liefde, een populair opera thema. In I Lombardi alla prima crociata (1843) gaat het echter om politieke gevoelens en de dramatische geschiedenis van twee broers die tot een uiterste komt als ze tegenover elkaar komen te staan tijdens een crociata: kruistocht.

Tien jaar later bereikt Verdi een ander emotioneel hoogtepunt met Rigoletto (1851), Il trovatore (1853) en La traviata (1854). Deze werken zouden hem de belangrijkste operacomponist van zijn tijd maken. Kon hij zichzelf overtreffen? Het antwoord is Aida (1871): een opera met momenten van grote intimiteit en een HD weergave van menselijke emotie. Maar ook meer dan een liefdesgeschiedenis, waarin Egyptische veldheer Radamès verliefd is op Ethopische slavin Aïda.

De productie van Aida liep vertraging op toen de eerste sopraan ziek werd. Verdi had wat tijd te doden. Zijn strijkkwartet in e-mineur (1873) was het resultaat en ook de enige kamermuziek die we van hem hebben. Wat een geluk: het wordt beschouwd als een van de beste composities uit de 19e eeuw in dit genre.

de tijd

pereira verklaart

Er wordt te veel geschreven over de oorlog, kopte De Volkskrant vorige week. Kennelijk intrigeert WO II nog steeds. Ik ben geen expert. Maar een vraag waarvan ik weet dat die vaak wordt gesteld: hoe kon zoiets, van dergelijke omvang en brute kracht, gebeuren?

Ook gezelschap De Tijd wil antwoord en laat met Pereira verklaart zien hoe een samenleving ongemerkt kan vernauwen. “Het begint bij militairen op straat, tot er ineens doden vallen.

Het toneelstuk Pereira verklaart is gebaseerd op de gelijknamige roman van Antonio Tabucchi speelt zich af in het Portugal van 1938. Het land zucht zwaar onder de dictatuur van Salazar. Een zwaarlijvig journalist op leeftijd, Pereira, wil liever zo weinig mogelijk weten van wat er met zijn land gebeurt. Hij is de hoofdredacteur van de cultuurbijlage van een krant en zijn taak is helder: het beschrijven van ‘de schone kunsten’. En met ‘schoon’ wordt bedoeld: wat zich niet tegen het regime keert. Met het besef dat het zo niet langer kan, begint zijn cultuurbijlage als verzetsmiddel te gebruiken, waarmee hij zich onverbiddelijk in de gevarenzone  plaatst. Totdat er geen weg terug meer is.

De luchtige en ironische tekst wordt ongewijzigd, maar ingekort, door drie spelers neergezet: Met een fijn gevoel voor humor, nuances en variaties bewandelen de acteurs de grens tussen voordracht en acteren, tot die grens volkomen vervaagt. En de muziek? Romantisch en subtiel door The Ambush Party: jazz en vrije improvisatie.

Eerder voerde De Tijd Pereira al op. Een zin uit de recensie van Wouter Hillaert (De Standaard) wilde ik u niet onthouden: “Het kleine verzet van De Tijd, gedrenkt in het volle besef van zijn eigen relativiteit, valt zeer te koesteren.”